Kievit

Vanellus vanellus

Leefgebied en trend

De laatste populatieschatting in 2000-2002 maakt gewag van 14.000 tot 20.000 broedparen voor Vlaanderen en daarmee leek de soort op dat ogenblik meer dan stand te houden ten opzichte van begin de jaren ’80 (12.000-15.000 paar). Maar het tij is inmiddels helemaal gekeerd. De resultaten van het ABV-project wijzen op een afname van 59% over de periode 2007-2018. Met dat cijfer scoort de soort slechter dan andere steltlopersoorten als Grutto en Wulp. Wellicht zijn er wel behoorlijke regionale verschillen, waarbij de soort het relatief iets beter doet in de polders en minder goed in de akkergebieden in het Vlaamse binnenland. Om hier meer inzicht te krijgen is het wachten op de resultaten van de nieuwe vogelatlas. Onderzoek toonde alvast aan dat de jongenproductie in de akkergebieden in Vlaams-Brabant veel te laag is om de populatie in stand te houden. Lokaal werden aanvankelijk wel successen geboekt in natuurgebieden zoals de Uitkerkse Polder. Door een aangepast weidevogelbeheer nam het aantal broedparen er toe van 224 in 1990 naar 526 in 2011. Maar ook daar is recent een sterke terugval vastgesteld (tot 227 paar in 2018), vooral door de combinatie van langdurige droogteperiodes en te lage waterpeilen die niet afgestemd zijn op de noden van weidevogels. Eenzelfde patroon van een toename gevolgd door een afname stelde men vast op Antwerpen-Linkeroever (Spanoghe 2017). Predator- werende maatregelen zoals het aanbrengen van elektrische rasters lijken hier recent wel een positief effect te hebben op het nestsucces. De zorgwekkende trend van de Kievit in Vlaanderen is geen alleenstaand gegeven. Ook in tal van andere landen is sprake van sterke afnames zoals in Nederland (-40 à 50% tussen 1990 en 2013- 2015) en Groot-Brittannië (-42% tussen 1995 en 2017). Op Europees niveau nam de soort met 55% af tussen 1980 en 2016. De trend over kortetermijn (2007-2016) bedraagt -12%. Intensivering van landbouwpraktijken wordt gezien als de belangrijkste oorzaak van deze afname, vaak in combinatie met een toegenomen predatie.