Voeg toe aan je favorieten

Bloemenweide

Een hooiland in de tuin.

Bloemenweiden, bloemrijk grasland of hooilanden bestaan uit meerjarige planten. Dit is een groot verschil met een bloemenakker, deze bestaat immers uit 1-jarige planten. Voorbeelden van hooilandplanten zijn Margriet (Leucanthemum vulgare), Muizenoor (Hieracium pilosella), Echte koekoeksbloem (Lychnis flos-cuculi) en Duizendblad (Achillea millefolium).
Welke soorten in jouw bloemenweide komen hangt of van de voedselrijkdom en de vochtigheid van je tuin, ook de zuurtegraad (pH) speelt een rol. Bijna steeds zullen bepaalde plantensoorten vanzelf al voorkomen, maar zal je toch moeten inzaaien of planten met andere.




Kort uitgelegd: Een bloemenweide kan je op verschillende manieren aanleggen:
1) je start met een stuk kale grond en zaait een mengsel in van bloemen en grassen
2) je start met een stukje gazon of grasland en maakt hierin een aantal kleine kale plekken (vb. 30 cm op 30 cm) en zaait hierin de gewenste soorten. Deze soorten kunnen dan later verder uitzaaien in de rest van je bloemenweide.
3) je start met een stuk gazon of grasland en je zaait niets in, je maait enkel 1, 2 of 3 keer per jaar. Nieuwe soorten zullen dan spontaan moeten komen. Let op, wellicht zullen de meeste soorten niet vanzelf in je tuin geraken.

Indien je een stuk gazon of grasland hebt raden wij de 2de manier aan, deze geeft binnen een paar jaar een mooi resultaat en is natuurvriendelijk. Alles omspitten en terug inzaaien is niet leuk voor de planten en dieren die reeds aanwezig zijn in je gazon of grasland. Ook de bodem geraakt dan teveel verstoord.

Het onderhouden van je bloemenweide doe je door te maaien. Natuurlijk niet zo frequent als bij een gazon. Afhankelijk van de voedselrijkdom (en dus van hoe snel je gras groeit) ga je 1, 2 of 3 keer maaien. Te veel voedsel zorgt namelijk voor minder bloeiende planten en meer gras. Daarom moet je maaien, gras laten drogen en dan afvoeren. Het gras laten liggen zodat het rot op je bloemenweide zal niet leiden tot meer bloemen, integendeel. Maaien doe je met een zeis, bosmaaier of maaibalk. Met een grasmachine is dit moeilijk want meestal is het gras daarvoor te hoog.
Als het gras is afgemaaid kan je dit laten drogen door het een aantal maal te keren en dan als hooi van je bloemenweide af te halen. Je kan ook het gras afvoeren als je het juist hebt afgedaan, maar dan is het veel zwaarder en veel groter in volume. Nat gras kan je ook niet bewaren, maar gemengd met ander groen kan het wel gecomposteerd worden.

Hoeveel keer en wanneer je best maait hangt af van de hoeveelheid voedsel in de bodem van je bloemenweide. Dit kan je bepalen door te kijken naar de grasoorten en andere wilde planten in je bloemenweide. Dit is echter niet zo eenvoudig.

Indien er bijna alleen gras staat raden we je aan minstens twee keer per jaar te maaien. De eerste keer half mei, de tweede keer in september. Indien je merkt dat je bodem zeer voedselrijk is en je gras dus snel groeit kan je ook 3 keer per jaar maaien, 1 keer terug einde mei, 1 keer in juli en 1 keer eind september.

Komen in je bloemenweide soorten zoals Rode klaver, Smalle weegbree, Biggenkruid, Duizendblad of Sint janskruid, dan moet je het maaitijdstip aanpassen naar 1 keer maaien eind juni, tweede keer half september. Het is nu ook het moment om zaad van gewenste bloemen in je bloemenweide te brengen. Dit zaad kan je kopen maar ook in wegbermen vinden. Zeker Margrieten en Knoopkruid zijn in veel bermen te vinden.







Beelden

Uitgebreide info

Lees meer

+
Alles openklappen