Hoe herken ik een watervleermuis in het veld?

Waar luisteren met je detector?

Watervleermuizen jagen het liefst boven vijvers, kanalen, sloten of rivieren, waar ze voldoende open water vinden met een gladde waterspiegel, zonder al te veel drijvende waterplanten. Ze hebben graag stilstaand of traagstromend water, waar het oppervlak glad is. Boven stromend water verkiezen ze de minst turbulente delen waar de stroming langzamer is, bijvoorbeeld in de binnenbocht van een rivier of stroomopwaarts van een waterval. Bij winderig weer zoeken de vleermuizen waterpartijen op die uit de wind liggen. Ze houden niet van licht en zoeken daarom donkere wateroppervlakken op om te gaan jagen.

Het publiek smaakt de laag boven het water vliegende watervleermuizen maar al te graag. Watervleermuizen komen vrij algemeen voor in Vlaanderen. Probeer daarom om tijdens je gidsbeurt eens langs een vijver of waterloop te wandelen waar het donker genoeg is en waar er voldoende open water aanwezig is.

Vlieggedrag

Watervleermuizen cirkelen de hele tijd laag boven het open water, waar ze insecten van het oppervlak gritsen met hun grote behaarde poten, of laagvliegende insecten met de staartvlieghuid uit de lucht plukken. Ze vliegen vrij langzaam en komen ook vaak dicht langs de oeverlijn voorbij.

De vlieghoogte is meestal maar zo'n 20 cm boven het wateroppervlak, waarbij de vleermuis mooi horizontaal vliegt. Af en toe kan ze plots omhoog schieten tot ongeveer 1 meter om een prooi te grijpen die wat hoger vliegt. Direct daarna daalt het diertje terug en vliegt dan verder laag boven het oppervlak op zoek naar meer prooien. Watervleermuizen vangen ook veel drijvende prooien van het oppervlak. Je kan de kringetjes in het water zien als de watervleermuizen het oppervlak aanraken om een prooi weg te scheppen. Die prooien kunnen de poppen van muggen, haften, kokerjuffers of steenvliegen zijn of de volwassen eierleggende vrouwtjes zijn die op de waterspiegel drijven of schaatsen.

In het onderstaande filmpje zie je hoe watervleermuizen laag boven een rivier jagen.

De geluiden van watervleermuizen die laag boven open water vliegen

Watervleermuizen laten de toon (frequentie) gelijkmatig zakken van hoog naar laag, net zoals de andere Myotis soorten dat doen. Er is nergens een punt in het signaal waar de toon langere tijd vastgehouden wordt.

In het onderstaande sonogram zie je dat die roepen er dan uitzien als vertikale strepen. Waar je ook je detector op afstemt binnen het bereik van het signaal, je hoort altijd hetzelfde type geluid : een ratelend geluid zonder veel klank.

Toch is er een zone in het midden waar het geluid het luidste is: bij de watervleermuis is dat zo rond 40 kHz. Op die frequentie hoor je het geluid het sterkst. Op 60 of 25 kHz hoor je hetzelfde type geluid, maar wel niet meer zo luid.

Je zet de detector dus best op 40 of 45 kHz wanneer je aan de waterkant staat om watervleermuizen te spotten.

Hieronder hoor je het ratelend geluid rond 40 kHz van watervleermuizen die boven een kanaal foerageren en dicht langs de oever voorbijkomen. Eerst hoor je de geluiden van één watervleermuis, daarna komen twee watervleermuizen samen voorbij. Wie goed luistert hoort tussendoor ook feeding buzzes :



Nog een andere opname, deze keer van watervleermuizen op vliegroute. De vleermuizen zijn op weg van hun kolonieboom in een oud eikenbos naar een grote vijver in hetzelfde bos en vliegen hierbij boven een breed bospad :

Tips voor de gids

Watervleermuizen vliegen meestal maar laat uit, en je moet wachten tot ongeveer een uur na zonsondergang voordat je watervleermuizen kan horen/zien jagen boven waterpartijen in open gebieden.

Loopt je excursie in een bosgebied waar er ook een kolonie watervleermuizen in één van de holle bomen verblijft, dan kan je die soort al vroeger spotten. Zoek dan een bosvijver begrensd door hoge bomen waar het al snel donker wordt, bij voorkeur dicht bij de kolonieboom. Daar heb je zeker al een halfuurtje na zonsondergang kans op jagende watervleermuizen.

Als er veel wind staat zoek dan wateroppervlakken die uit de heersende wind liggen, beschut door hoge bomen of houtwallen, dijken, hoge kades of muren.

Wanneer het ondertussen donker is, kan je de laag boven water vliegende watervleermuizen niet meer met het blote oog zien. Watervleermuizen zijn bang van fel wit licht. Je kan je groep laten genieten van de jagende watervleermuizen door ze te zoeken en volgen met een felle zaklamp. Maar lang duurt dit meestal niet, omdat de watervleermuizen de lichtbundel proberen te ontvluchten. Beter is om een roodfilter voor je lamp te zetten.
Rood licht stoort de vleermuizen veel minder. Of je kan een infraroodkijker op statief zetten en je groep op een scherm laten meevolgen. Als je een plekje opzoekt waar de heldere avondlucht weerspiegelt in het water kan je de silhouetten van de laag boven water scherende vleermuizen ook nog met het blote oog en zonder lamp waarnemen.

Als je de kolonieboom weet zijn waarin de watervleermuizen overdag schuilen dan kan je met je groep post vatten aan de uitvliegopening en de vleermuizen gadeslaan wanneer ze uitvliegen. Heb je een nachtkijker of warmtebeeldcamera, dan kan je die op statief zetten. Het publiek kan dan op het scherm het uitvlieggebeuren meevolgen, tenminste als de groep niet té groot is.

Watervleermuizen volgen graag lijnvormige landschapselementen tijdens de verplaatsing van de kolonieboom in het bos naar de jachtgebieden, de vijvers en waterlopen buiten het bos. Vanaf ongeveer een uur na zonsondergang kan je de watervleermuizen op vliegroute waarnemen wanneer ze houtkanten volgen buiten het bos.

Bereid je goed voor en probeer het landschap te lezen waarin je gaat gidsen. Waar liggen bossen met veel holle bomen? Waar zijn er onverlichte, insectenrijke vijvers met voldoende vrije wateroppervlak in de buurt van dat bos? Liggen er bomenrijen, hagen, houtwallen tussen dat bos en die vijvers die dienst kunnen doen als vliegroute? Kijk stafkaarten en luchtfoto's na en ga overdag het terrrein verkennen als het nog klaar is.

Of beter nog, trek één of enkele dagen voorafgaand aan de gidsbeurt 's ochtends vroeg het bos in en probeer de kolonieboom van de watervleermuis te vinden met het zwermgedrag. Watervleermuizen zwermen en vliegen binnen zo rond 4u 's morgens. Als je de kolonieboom weet zijn, dan kan je er 's avonds met je groep terugkeren om uitvliegers te tellen.

Ben je geen vroege vogel, geen nood! Weet dan dat je even goed overdag watervleermuiskolonies in bomen kan vinden door met detector rond te lopen in de late namiddag. Zeker op mooie dagen maken ze veel kabaal als ze in de boom zitten. Alleen hoor je dat niet met het blote oor omdat de watervleermuizen in de boom meestal roepen bij 25 kHz, ultrasoon dus! Zet je detector dan ook op die frequentie als je de bomen overdag gaat zoeken kort voor je gidsbeurt. Geef zeker ook je waarnemingen van kolonies door op waarnemingen.be!